Afgelopen zondag werd door het congres nog eens bevestigd,
ik mag uw voorzitter zijn. Dat
is mooi en daar ben ik trots op, maar ik kan het niet alleen. Ik heb daar alle
mensen bij nodig, en zeker de mensen die in de dorpen en steden laten zien dat
wij wel het verschil kunnen maken.
Het is verbazingwekkend hoeveel woorden er vuilgemaakt worden in Nederland
aan filosofische debatten over de politiek. Krantenpagina’s vol over de kloof
tussen kiezers en gekozenen. Electorale rukken naar links en naar rechts volgen
elkaar in rap tempo op, met alle verklaringen van duiders die daarbij horen.
‘Wat is het grote verhaal van de PvdA?' is de vraag die mij de afgelopen tijd
het meest gesteld werd. Ondertussen wordt het echte verschil gemaakt door mensen
als Marco
Florijn, wethouder in Rotterdam. Aan hem zijn hogere strategieën niet
besteed. Hij stapt gewoon op de glastuinbouwers af en zegt: hoe krijg ik
tweeduizend werklozen bij jullie aan het werk?
In deze mentaliteit schuilt de ware kracht van de sociaal-democratie. De PvdA
is groot geworden door het wethouderssocialisme. Van
Monne de Miranda
die met zijn aanleg van het Amsterdamse Bos banen schiep en een plaats waar
iedere Amsterdammer kon recreëren. Via
Jan Schaefer die met
zijn ‘in geouwehoer kan je niet wonen’ de armzalige woonomstandigheden voor
duizenden gezinnen verbeterde. Tot
Lodewijk
Asscher die zich niet neerlegt bij de grauwe middenmaat in het onderwijs en
zo de nieuwe generatie een steun in der rug geeft aan het begin van een
carrière.
Allemaal hebben ze te horen gekregen dat het niet kon, dat het niet zou gaan
werken, dat grote risico’s zouden lopen. Allemaal hebben ze vastgehouden aan hun
ideaal, de angels en voetklemmen éen-voor-één omzeilend. En dit zijn natuurlijk
de bekende voorbeelden, maar er zijn er zoveel meer.
Loes
Ypma uit het wellicht minder tot de verbeelding sprekende Woerden. Praat
tien minuten met die vrouw en hoor wat zij doet voor cultuur en sport in
Woerden, en je wilt er wonen.
Otwin
van Dijk in Doetinchem zegt het en doet het: binnen vier jaar driekwart van
de daklozen krijgen in zijn gemeente een dak boven hun hoofd.
Houkje
Rijpstra, die kleine bibliotheken in Friesland overeind houdt door ze om te
bouwen tot een centrum waar mensen werkervaring opdoen.
Allemaal houden zij vast aan het adagium ‘Kan niet bestaat niet’. Wij
sociaaldemocraten moeten door roeien en ruiten voor de mensen die op ons
rekenen. En dat is nu heel eenvoudig het grote verhaal van de sociaaldemocratie.
Hier kan je je commentaar kwijt